Rubriek Weetjes

In de rubriek “Weetjes” verschijnt iedere 3 maanden een interessante wetenswaardigheid over Paleis Het Loo of het Koninklijk Huis. Deze Weetjes worden exclusief voor onze stichting geschreven door mevrouw drs. M.E. (Marieke) Spliethoff, oud-conservator van Paleis Het Loo.

De eerdere Weetjes van de heer dr. P.H. (Paul) Rem, conservator bij Paleis Het Loo, blijven zichtbaar zodat u ze nog kunt nalezen.

Laatste Weetje - juli 2022

Marieke Spliethoff

Weetje

In de babykamer van prinses Juliana

Prinses Juliana werd op 30 april 1909 geboren (afb. 1). De vreugde in het land én in de koninklijke familie kende geen grenzen, zozeer was er uitgekeken naar de komst van een troonopvolger. Koningin Wilhelmina en prins Hendrik waren immers al acht jaar getrouwd en de koningin had in die tijd een aantal miskramen te verwerken gekregen. Toen zij in de zomer van 1908 weer in blijde verwachting bleek te zijn, werd er heel omzichtig mee omgegaan. Hoewel minister-president Th. Heemskerk al door Wilhelmina in september op de hoogte was gebracht, vond de officiële aankondiging pas eind december plaats, toen de zwangerschap in de vijfde maand en de eerste risicovolle periode achter de rug was.

Afb. 1
Prinses Juliana als baby. Briefkaart 1909. PHL

Ook bij het inrichten van de babykamers, in Den Haag en op Het Loo, werd het zekere voor het onzekere genomen. Uit een document, dat in de Koninklijke Verzamelingen wordt bewaard, blijkt dat daarmee pas in de zomer van 1909 een begin werd gemaakt. Het betreft een rapport, gedateerd 23 augustus 1909, opgesteld door het laboratorium van Dr. van Hamel, Roos en Harmens te Amsterdam, ‘Adviseurs voor Scheikundige en Hygiënische Zaken’ over de geschiktheid van vier staaltjes behangselpapier die voor de babykamer waren uitgezocht. De conclusie was dat de uitgezochte ‘monsters behangselpapier voldeden aan de eischen welke daaraan uit hygiënisch oogpunt gesteld behooren te worden’. Met andere woorden, geen van de uitgezochte behangsels stootte kwalijke stoffen of dampen uit. Dit rapport is te bekijken op de website van het Koninklijk Huis/Koninklijke Verzamelingen/collectie-online. Helaas is niet bekend welk behang gekozen is.

Afb. 2
De koperen wieg, mogelijk gebruikt voor koningin Wilhelmina en koningin Juliana. PHL (bruikleen HKH Prinses Margriet, 2015)

Op Het Loo werd de babykamer voor Juliana ingericht in de hoekkamer op de eerste verdieping van het westelijk binnenpaviljoen. Wij kennen deze kamer tegenwoordig als het Kunstkabinet van koning Willem III. De keuze voor dit vertrek is te begrijpen: het is een heerlijke lichte en niet al te grote kamer, waar het zonlicht van twee kanten binnenvalt, én die vlakbij de slaapkamer van de koninklijke ouders lag. Waarschijnlijk sliepen de verzorgsters van het prinsesje in de aangrenzende kamer, die thans is ingericht als Wilhelmina’s speelkamer.
Koningin Wilhelmina kreeg twee prachtige wiegen aangeboden bij de geboorte van Juliana, namelijk de fraaie ‘Amsterdamse’ wieg naar ontwerp van K.P.C. de Bazel door de vrouwen en meisjes van de hoofdstad en de ‘Zuid-Hollandse’ wieg in neo-Louis XVI-stijl, versierd met prachtig kantwerk, door de vrouwen en meisjes van deze provincie (behalve Rotterdam). Dit waren echter allebei zogenaamde presentatiewiegen, die in de salon werden geplaatst om de baby aan bezoekers te tonen. Deze wiegen hadden geen vaste plaats in de babykamer en dienden niet als bedje voor de baby. Hiervoor werd waarschijnlijk de koperen wieg (afb. 2) gebruikt, die zich sinds 2015 als bruikleen van prinses Margriet op Het Loo bevindt. In een inventaris van de bezittingen van prinses Juliana wordt de koperen wieg vermeld, met de toevoeging: vroeger van HM de Koningin (zie artikel van Renny van Heuven in tentoonstellingscatalogus Oranje in de wieg, PHL 2004, p. 43). Of dit betekent dat dit de wieg was waar Juliana zelf als baby in gelegen had of dat deze ook al voor haar moeder was gebruikt, is niet duidelijk. Wel weten we dat de koperen wieg door de prinsessen Margriet en Christina voor hun kinderen is gebruikt en later ook weer voor hun kleinkinderen.

Hoe weinig we weten over de verdere inrichting van Juliana’s babykamer, des te beter zijn we geïnformeerd over de wanddecoratie die Wilhelmina en Hendrik voor hun ‘kindi’ uitzochten. In het Loo-archief (Koninklijke Verzamelingen, E9c, nr. 1168) bevindt zich een lijst ‘betreffende het verplaatsen en verzenden van schilderijen van Het Loo 1909-1933’, een op het oog wat willekeurige lijst van schilderijen en prenten, die kennelijk tussen Apeldoorn en Den Haag heen en weer werden getransporteerd. Deze lijst bevat een opsomming van de prenten uit het Prinsessekwartier, waar prinses Juliana gehuisvest was.
Het betreft een rijke keuze aan Engelse kinderprenten uit de zogenaamde Edwardian periode (grofweg het eerste decennium van de 20ste eeuw), waarin schattige meisjes in witte jurkjes en jongens in matrozenpakjes én hun huisdieren de hoofdrollen spelen in een zonovergoten wereld. De bekendste kunstenaars in dit genre waren Arthur J. Elsley (1860-1952), Alfred Strutt (1856-1924) en Frederick Morgan (1847-1927). Van Elsley hingen er niet minder dan drie prenten in zwart-wit (er zijn ook kleurendrukken bekend), waarvan A tempting bait (1906) een prachtig voorbeeld is (afb. 3). Van Strutt is de prent An elopement nog in de collectie aanwezig. Hierop is een jongetje te zien dat een meisje een kus geeft, terwijl zij op een sjees zitten die door een ezel wordt getrokken. Het is duidelijk dat de ezel goed de vaart erin heeft, waardoor de indruk wordt gewekt dat de kinderen er samen vandoor gaan.

Afb. 3
Arthur J. Elsley, A temping Bait. Fotogravure, 1906. PHL

Maar het was niet alleen maar idyllisch kinderleven in de babykamer van het prinsesje. Wilhelmina bracht ook een stichtelijk element in, namelijk de litho (weer in zwart-wit) van Christus als de Goede Herder (1878), gemaakt door de Duitse kunstenaar Bernhard Plockhorst (1825-1907). Deze was tot 1869 professor aan de Grossherzoglich-Sächsische Kunstschule in Weimar, waar hij vrijwel zeker prinses Sophie der Nederlanden, Groothertogin van Saksen-Weimar heeft leren kennen. De Goede Herder vergezelde Juliana in 1927 zelfs naar haar meisjeskamer, die zij voor haar 18de verjaardag naar eigen smaak mocht inrichten. Hier is de prent nog steeds te zien boven het bed van de prinses in de museale opstelling van Het Loo. Ten slotte liet Wilhelmina een van eigen lievelingsprenten in de kinderkamer van haar dochter ophangen: de litho die Otto Eerelman (1839-1926) in 1888 maakte van haar Shetland pony’s. Eerelman was een gevierd schilder van paarden en honden die talloze opdrachten van koningin en prins kreeg. De litho van de pony’s was Wilhelmina bijzonder dierbaar omdat deze pony’s haar eerste paarden waren, die zij in 1886 van haar vader had gekregen. Zij leerde rijden op Baby en zij leerde een vierspan mennen in haar eigen rijtuigje, een Duc, die nu prachtig gerestaureerd in de stallen van PHL te bewonderen is. Deze prent miste helaas zijn uitwerking op Juliana. Zij is nooit een groot paardenliefhebster geworden.

Afb. 4
Bernhard Plockhorst, De Goede Herder. Lithografie 1878. PHL

Een aantal van de hier beschreven prenten leidde een anoniem en tamelijk stoffig bestaan op de voormalige schilderijenzolder van Het Loo, zonder dat iemand zich realiseerde hoe ze in de collectie kwamen. Gelukkig hebben zij hierbij een deel van hun geschiedenis teruggekregen.

Marieke Spliethoff, oud-conservator Paleis Het Loo Nationaal Museum, juni 2022

Eerdere weetjes...

TOP